Nieuws

Groene elektriciteit uit kolen- en gascentrales

Geschreven door : Guido Sparreboom
Energie uit biomassa

Wind-, water- en zonnekracht zijn bekende bronnen van duurzame energie, maar ruim vijftig procent van de groene energie in Nederland komt uit een andere bron: biomassa. Via verbranding, vergisting en vergassing halen we energie uit biomassa.

Biomassa is een verzamelbegrip voor materiaal dat van biologische
(ook wel organische) oorsprong is. (Snoei)houtafval afkomstig uit de industrie valt onder biomassa, maar ook rioolslib uit waterzuiveringsinstallaties, gft uit huishoudens, oliën en vetten uit de voedingsmiddelenindustrie, mest uit veebedrijven en speciaal voor bio-energie geteelde gewassen, zoals koolzaad en palmbomen.

waarop in Nederland energie wordt opgewekt uit biomassa, namelijk door verbranding, vergisting en vergassing. De energie komt doorgaans vrij in de vorm van warmte. Het grootste deel daarvan wordt omgezet in elektriciteit. Hout stoken in huishoudens, bijvoorbeeld in een open haard, valt officieel wel onder bio-energie, maar komt hier niet aan bod.

Verbranden

Het grootste deel van de duurzame energie opgewekt in Nederland, komt voort uit verbranding van biomassa. Dat gebeurt in afvalverbrandingsinstallaties (AVI’s) en in kolen en gascentrales.

Afval van huishoudens dat in AVI’s wordt verbrand, bestaat voor circa vijftig procent uit biomassa. Bijna alle elf AVI’s in Nederland zetten de verbrandingswarmte om in elektriciteit, en leveren deze aan energiebedrijven. Omdat de helft uit biomassa ontstaat, verkopen zij dat deel van de elektriciteit als ‘groene stroom’.

Groene elektriciteit uit kolen- en gascentrales

Zeven van de 25 Nederlandse kolen- en gascentrales die de oorzaak zijn van een grote uitstoot van Co2, gebruiken naast fossiele brandstoffen ook verschillende soorten biomassa. In kolencentrales wordt biomassa meegevoerd met vergruisde kolen in de verbrandingsketel; het aandeel elektriciteit dat daaruit voorkomt, heet groene elektriciteit.

De kolenstokers gebruiken binnenlandse biomassa zoals houtsnippers, gedroogde kippenmest en rioolslib. Daarnaast importeren ze ook cacaobonen, olijfpulp en houtpellets. Gasgestookte centrales gebruiken voornamelijk geïmporteerde oliën en vetten. Die biomassa is niet meteen bruikbaar: ze wordt eerst vergast. Als gas belandt de biomassa uiteindelijk in de gasverbranding.

Houtverwerkende bedrijven

Kleine producenten van bio-energie zijn houtverwerkende bedrijven. Die hebben vaak een houtverbrandingsinstallatie, waar warmte wordt omgezet in elektriciteit via een zogeheten warmte-krachtkoppelingsmotor (WKK). In Cuijk (Noord Brabant) staat een bio-energiecentrale van Essent die volledig draait op verbranding van afvalhout. Nabij Lelystad staat een bio-energiecentrale van Nuon die eveneens energie opwekt uit houtresten.

Vergisten

Een deel van de GFT uit huishoudens wordt vergist. Net als compostering, is vergisting een vorm van rotting. Alleen gebeurt vergisting zonder zuurstof en met andere bacteriën. Bovendien ontstaat er zo ook methaangas. Verbranding van methaan in een WKK-motor resulteert in groene elektriciteit.

In Lelystad staat een bio-energiecentrale die volledig draait op vergisting van GFT uit bedrijven. Een nieuwe biomassacentrale is in aanbouw in Sluiskil (Zeeland, 2007). Deze gaat voedselresten en mest verwerken.

Methaanproductie

Ook agrarische bedrijven en rioolzuiveringsinstallaties produceren methaan. De vergisting van rioolslib is standaardprocedure in elke rioolwaterzuiveringsinstallatie; de elektriciteit die daarbij ontstaat, wordt vaak volledig door het bedrijf zelf benut. Boerderijen vergisten dierlijke mest in vergistinginstallaties. Gedroogde mest gaat daarnaast ook als brandstof naar kolencentrales, voor meestook.

In vuilstorthopen vindt natuurlijke vergisting van biomassa plaats. Methaan dat daarbij ontstaat, heet ook wel stortgas. Het is mogelijk om de vuilstort af te dekken en leidingen aan te leggen, zodat je het gas kan opvangen. Dat levert niet veel bio-energie op, maar beschermt wel het milieu. Vrij in de atmosfeer is methaan namelijk een sterker broeikasgas dan CO2.

Vergassen

Als je biomassa verbrandt onder bijzondere omstandigheden (namelijk met weinig zuurstof), dan ontstaat een mengsel van zeer brandbare gassen. In dit zogeheten biosyngas zit onder meer methaan.

Deze werkwijze vindt weinig plaats in Nederland. Twee Nederlandse elektriciteitscentrales op gas, en een kolencentrale nabij Rotterdam, vergassen wel biomassa door verbranding met weinig zuurstof. Het biosyngas gaat naar de verbrandingsinstallatie. Elektriciteit uit deze biomassa bijstook, is groene stroom.

De biomassa voor bijstook in gascentrales is bijna volledig geïmporteerd en bestaat hoofdzakelijk uit palmolie ( waarvoor regenwoud gekapt moet worden om plaats te maken voor deze plantages) en olijfpulp. Andere bronnen, zoals kippenmest en rioolslib (kolencentrale), zijn van Nederlandse bodem.

Laat een reactie achter